Om 4.45 uur draait de geschutskoepel van de Schleswig-Holstein richting Westerplatte, en begint de Tweede Wereldoorlog.
De Oostzee ligt zwart en stil. Een dunne nevel hangt over het water van de haven van Danzig. Op het schiereiland Westerplatte, een strook land van achthonderd meter lang, slapen honderdtachtig Poolse soldaten in hun kazerne. Ze bewaken een militair transitdepot, munitie, voorraden, een symbolische aanwezigheid in een stad die officieel niemands eigendom is. Verderop in de haven ligt de Schleswig-Holstein voor anker, een Duits slagschip dat officieel hier is voor een vriendschappelijk bezoek. Maar onder het dek, verborgen in de romp, wachten tweehonderdvijfentwintig mariniers. Volledig bewapend. Klaar voor de aanval.
De val wordt gezet
Een week eerder, op 25 augustus 1939, vaart de Schleswig-Holstein de haven van Danzig binnen. Het is een kolossaal schip, gebouwd voor een andere oorlog, maar nog altijd indrukwekkend. De Poolse autoriteiten zijn niet blij met het bezoek, maar ze kunnen het niet weigeren. Danzig is een Vrije Stad onder toezicht van de Volkenbond. Neutraal territorium.
Wat niemand weet: het bezoek is camouflage. De mariniers aan boord hebben orders. Zodra het sein komt, vallen ze Westerplatte aan. Het Poolse garnizoen moet binnen vijftien minuten worden uitgeschakeld. Een snelle, chirurgische operatie.
In Berlijn werkt Joachim von Ribbentrop, de zesenveertigjarige minister van Buitenlandse Zaken, aan de laatste details. Twee dagen eerder heeft hij in Moskou het niet-aanvalsverdrag met de Sovjet-Unie ondertekend. Het Molotov-Ribbentroppact. Een geheim protocol verdeelt Polen alvast tussen beide mogendheden. Het oosten voor Stalin. Het westen voor Hitler. Nu moet alleen nog een voorwendsel worden gecreëerd.
Op 31 augustus 1939, de avond voor de invasie, bestormt een groep mannen in Poolse uniformen de radiozender van Gleiwitz, vlak bij de Poolse grens. Ze zenden een korte boodschap uit in het Pools, anti-Duitse leuzen, een oproep tot opstand, en laten lichamen achter. Concentratiekampgevangenen, gedood en in Poolse uniformen gestoken. Het is een false flag, opgezet door Reinhard Heydrich, vijfendertig jaar oud en hoofd van de veiligheidsdienst van het Reich. Om 22.30 uur meldt de Berlijnse radio het incident. Polen heeft Duitsland aangevallen, zegt de nieuwslezer. Het is de leugen die Hitler nodig heeft.
Het kwartier dat de wereld verandert
Dan breekt de ochtend van 1 september 1939 aan. Om 4.45 uur klinkt een bevel op de Schleswig-Holstein. De kanonnen van het slagschip richten zich op de Poolse kazerne. In de geschutskoepels draaien de manschappen aan de richtmechanismen. Dan, één salvo.
De nacht scheurt open. Een muur van geluid rolt over het water. De granaten slaan in op de Poolse stellingen. Bomen versplinteren. Gebouwen storten in. De grond schudt. De Poolse soldaten schrikken wakker. Binnen enkele seconden is de kazerne een chaos van rook, vuur en geschreeuw. Mannen rennen naar hun posities, grijpen geweren, zoeken dekking.
De tweehonderdvijfentwintig mariniers verlaten het schip in landingsboten en stormen het strand op. Ze verwachten minimale weerstand. Maar de Polen vechten terug. De Poolse verdedigers kennen het terrein. Ze hebben bunkers gebouwd, loopgraven gegraven, schootsvelden vrijgemaakt. Machinegeweren ratelen. De eerste golf wordt teruggeslagen. Dan de tweede. Het garnizoen dat binnen vijftien minuten moest zijn uitgeschakeld, houdt stand, zeven dagen lang.
Terwijl de kanonnen bulderen boven Danzig, begint langs de hele Poolse grens de invasie. Tweeenzestig Duitse divisies trekken het land binnen. Dertienhonderd toestellen van de Luftwaffe vernietigen vliegvelden, bruggen, spoorlijnen. Dit is Blitzkrieg. Bliksemoorlog. Tanks doorbreken de linies, infanterie volgt, luchtmacht beheerst de hemel. Maarschalk Edward Rydz-Śmigły, drieënvijftig jaar oud en opperbevelhebber van de Poolse strijdkrachten, probeert zijn legers te hergroeperen. Maar de communicatielijnen zijn verbroken. Eenheden raken geïsoleerd. De verdediging valt uiteen.
De leugen wordt waarheid
Om 5.40 uur die ochtend vaardigt Hitler een verklaring uit aan zijn strijdkrachten. Om 5.45 uur spreekt hij op de radio. Deze nacht, zegt hij, hebben Poolse reguliere soldaten voor het eerst op ons eigen grondgebied geschoten. Sinds vijf uur vijfenveertig schieten we terug. Het is de leugen van Gleiwitz, nu officieel herhaald door de Führer zelf. Later die ochtend spreekt Hitler de Reichstag toe. Op 3 september 1939 verklaren Groot-Brittannië en Frankrijk de oorlog aan Duitsland. Maar een offensief in het westen blijft uit. Polen staat er alleen voor.
Waarom dit kwartier beslissend was
De vijftien minuten na 4.45 uur op 1 september 1939 markeren het begin van de dodelijkste oorlog in de menselijke geschiedenis. Zeventig miljoen doden. Zes jaar van verwoesting. De Holocaust. Hiroshima. Een wereld die nooit meer dezelfde zou zijn.
Maar in die eerste minuten boven Westerplatte gebeurt ook iets anders. Honderdtachtig Poolse soldaten weigeren te vallen zoals gepland. Ze vechten terug tegen een overmacht die hen binnen een kwartier had moeten uitschakelen. Zeven dagen houden ze stand. Het is een nederlaag die een overwinning wordt, het eerste symbool van verzet tegen de nazi-agressie.
De kanonnen van de Schleswig-Holstein openden het vuur om 4.45 uur. Vijftien minuten later was de wereld in oorlog.